Hoe word ik financieel onafhankelijk?

Leestijd ± 12 minuten Laatste update: 10 feb 2020
Hoe word ik financieel onafhankelijk?

Financieel onafhankelijk zijn was vroeger gemakkelijker dan vandaag de dag. Het pensioen was goed geregeld en een extra potje voor later groeide elk jaar met een aantrekkelijke rente. Dat is verleden tijd. De pensioenen zijn de laatste jaren gekort en de rente staat al een paar jaar rond het nulpunt. Vermogen op een spaarrekening groeit daardoor nauwelijks.

 

Het is dus moeilijker geworden om financieel onafhankelijk te worden, maar nog wel degelijk mogelijk. In dit artikel lees je een overzichtelijk 4 stappenplan met praktische tips waarmee ook jij financiële vrijheid kunt bereiken. 

Wanneer ben ik financieel onafhankelijk?

Je bent financieel onafhankelijk als je voldoende geld hebt om zelf te kunnen bepalen wat je doet. Je kunt dan stoppen met werken, omdat je vermogen voldoende inkomen oplevert.

 

Hoeveel geld je daarvoor nodig hebt, hangt af van je levensstandaard. Heb je een bescheiden uitgavenpatroon, dan hoef je minder vermogen op te bouwen dan iemand die veel meer uitgeeft, bijvoorbeeld aan dure reizen.

 

De eerste stap is dan ook om je gewenste uitgaven niveau vast te stellen. Vervolgens stel je in stap 2 tot en met 4 een beleggingsplan op. Dit beleggingsplan is jouw persoonlijke strategie naar een onafhankelijk leven.

4 stappen om financieel onafhankelijk te worden

Hieronder benoemen we de vier stappen naar financiële vrijheid.

 

1. Hoeveel geld heb ik nodig?

2. Hoeveel geld moet ik beleggen?

3. Wat is mijn risicoprofiel?

4. Combineer doelvermogen, inleg en risicoprofiel tot een realistisch plan


Het stappenplan lijkt niet zo moeilijk. Dat is gedeeltelijk waar. De stappen die je moet zetten zijn overzichtelijk en niet ingewikkeld. De moeilijkheid zit in de gedisciplineerde uitvoering.

 

Als je het plan gedisciplineerd uitvoert, zal je vermogen gestaag groeien. Op een gegeven moment is het vermogen voldoende om te zorgen voor een passief inkomen. Het beleggingsplan helpt je om focus te houden op het doel. Verder is het een kwestie van voldoende tijd en geduld. 

 

-- Benjamin Franklin: “If you fail to plan, you are planning to fail.” --

Stap 1: Hoeveel geld heb ik nodig

Als je financieel vrij bent, heb je voldoende vermogen om tot het einde van je leven al je uitgaven te bekostigen. Om te kunnen bepalen hoe hoog dat vermogen moet zijn, stel je eerst vast hoeveel je uitgeeft per jaar. Veel mensen hebben geen idee hoeveel ze uitgeven.

Hoe bepaal ik mijn jaarlijkse uitgaven?

De beste manier is om een overzicht te maken van je jaarlijkse uitgaven. Maak een Excel-berekening en vul per categorie je uitgaven in. Vergelijk het overzicht met je bankrekening, zodat je geen kostenposten vergeet.

 

Ga voor de volledigheid een paar jaar terug, zodat je ook kosten meeneemt die niet elk jaar voorkomen. Denk aan onderhoud aan je woning of een nieuwe auto. Het is niet nodig om alle kosten heel gedetailleerd in te schatten. Prijzen veranderen in de toekomst en ook je behoeftes. Wees echter wel realistisch; je kunt beter wat ruimer rekenen dan te krap.

 

Tip: Maak een overzicht van al je uitgaven.

 

Als je het totale overzicht hebt opgesteld, kun je dat dubbelchecken. Dit doe je door je daadwerkelijke uitgaven, je jaarlijkse inkomsten minus het bedrag dat je hebt gespaard, te vergelijken met je geschatte uitgaven. Zit er een groot verschil tussen beide bedragen? Controleer dan of je alle uitgaven wel hebt meegenomen. Op het internet zijn verschillende sites die je helpen bij het opstellen van een dergelijk overzicht. Hou er rekening mee dat je kosten op termijn afnemen. De kinderen gaan de deur uit en je lost de hypotheek af.


Tip: Als je stopt met werken zijn de kosten waarschijnlijk lager dan vandaag.

Invloed inflatie op uitgaven

Nu je de uitgaven in beeld hebt, ben je er nog niet. Ook met het stijgen van de prijzen moet je rekening houden. Deze stijging van het prijspeil wordt gemeten door het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) en weergegeven in de inflatie. De laatste jaren ligt de inflatie in Nederland rond de 1% tot 2%. Op de korte termijn merk je niet zoveel van de inflatie, maar op lange termijn maakt het een behoorlijk verschil. Volgens het CBS  zijn de prijzen tussen 1999 en 2018 met bijna 44% gestegen.

Benodigd vermogen berekenen

Het vermogen moet voldoende zijn voor het inkomen tijdens de rest van je leven. Een stelregel is dat je 25 keer je jaarlijkse uitgaven moet hebben. Geef je jaarlijks €30.000 uit, dan moet je €750.000 opbouwen. Liggen je uitgaven rond de €50.000, dan stijgt het bedrag naar €1.250.000.

 

De stelregel gaat er van uit dat je gaat beleggen. Bij een neutraal risicoprofiel is het verwachte rendement ongeveer 5%. Dit rendement zorgt voor een opbrengst die vergelijkbaar is met de uitgaven. Op die manier hou je het vermogen min of meer in stand.

 

Invloed van pensioen, box 1 en box 3

In de praktijk zijn er verschillende factoren die het toch lastig maken om het benodigde bedrag te berekenen. Denk bijvoorbeeld aan je pensioen. Als je pensioen opbouwt, kun je daarmee al een deel van je inkomen verzorgen.

 

De manier waarop je vermogen opbouwt, bepaalt de belastingdruk. In box-3 betaal je vermogensrendementsheffing en in een BV vennootschapsbelasting. In een lijfrente zijn de regelingen weer anders.

Voor een precieze berekening kun je een financieel plan laten opstellen. Je kunt ook een veiligheidsmarge inbouwen door te rekenen met 30 keer de uitgaven.


Tip: Zoek bij een ingewikkelde situatie hulp bij een financieel specialist.

Stap 2: Hoeveel geld moet ik beleggen

Om grote bedragen op te bouwen, is het bijna noodzakelijk om te gaan beleggen. Stel daarom in je volgende stap vast hoeveel geld je kunt beleggen. Hierbij ga je na hoeveel geld je nu op een beleggingsrekening kunt zetten voor later. En hoeveel je periodiek kunt bijstorten.

 

Zo snel mogelijk beginnen met beleggen

Vanaf het moment dat je begint met beleggen behaal je rendement op je vermogen en groeit het. Je kunt daarom beter sneller met een kleiner bedrag beginnen, dan te wachten tot je een groter bedrag hebt opgebouwd. Zodra je start doe je direct waardevolle ervaring op.  


Tip: Begin zo snel mogelijk met beleggen voor later.

Eerste inleg en periodiek beleggen

Jouw pad naar onafhankelijkheid begint met een eerste inleg. Leg vervolgens periodiek een extra bedrag in. Door een periodieke storting groeit het vermogen sneller. Daarnaast spreid je zo het instapmoment. Daarmee voorkom je instappen op het hoogste punt.

 

Tenslotte room je door de periodieke storting het saldo op je lopende rekening af. Daardoor ga je verstandiger met je geld om en geef je minder uit.


Tip: Stort periodiek geld bij op de beleggingsrekening.

Periodieke storting gelijk inregelen

Bij stap 1 hebben we reeds vastgesteld hoeveel geld je jaarlijks overhoudt. Dit spaarbedrag is gelijk aan je netto-inkomen minus je uitgaven. Je kunt een maandelijkse overboeking van dat bedrag instellen naar de beleggingsrekening. Op die manier hoef je niet meer na te denken over de maandelijkse storting en is de kans veel groter dat de overboeking daadwerkelijk gebeurt. Als je een hogere storting kunt doen, groeit je vermogen sneller en ben je eerder onafhankelijk. 

 

Stap 3: Wat is mijn risicoprofiel?

Beleggen is een afweging tussen rendement en risico. Het verwachte rendement is de vergoeding voor het risico dat je bereid bent te nemen. Op de spaarrekening loop je bijvoorbeeld weinig risico en krijg je dan ook een laag rendement.

 

Obligaties zijn verhandelbare leningen met een vaste rente en afloopdatum. Gedurende de looptijd van de obligaties kan de koers variëren. Het risico is iets hoger dan bij de spaarrekening. Het rendement is daarom meestal ook hoger.

 

Bij aandelen koop je een stukje van het bedrijf. Je profiteert van een winststijging. Maar je deelt ook mee als er een verlies ontstaat. Het risico is een stuk hoger dan bij de spaarrekening of obligaties. Daar staat een hoger verwacht rendement tegenover.

 

Wij focussen in onze portefeuilles op aandelen en obligaties. Een hoger rendement komt niet vanzelf. Je moet dan vooral in aandelen in investeren en het hogere risico accepteren.


Tip: Wees bereid om risico te nemen.

Risico verlagen door spreiding

Door het vermogen gespreid te beleggen, kun je het risico verlagen. Als je in één bedrijf belegt, ben je volledig afhankelijk van dat ene bedrijf. Je loopt het risico om al je geld kwijt te raken. Beleg liever in meerdere bedrijven gespreid over verschillende sectoren en regio’s. Dan kun je nooit al je geld verliezen.

 

Wij beleggen wereldwijd in meer dan 5.000 verschillende bedrijven. Het negatieve rendement van aandelen die teleurstellen wordt gecompenseerd door aandelen die juist beter presteren. Daardoor hebben we minder uitschieters en is het rendement stabieler. Om het vermogen op lange termijn te laten groeien is stabiliteit in het rendement belangrijk.


Tip: Zorg voor een goede spreiding van de beleggingsportefeuille.

Wat is een risicoprofiel?

Professionele beleggers spreiden in een beleggingsportefeuille over obligaties en aandelen. In periodes dat aandelen goed presteren blijven obligaties meestal wat achter. Dit werkt ook andersom. Als aandelen minder waard worden stijgen de obligatiekoersen.

 

Het spreiden over meerdere beleggingscategorieën zorgt voor stabiliteit in het rendement. Om onderscheid te maken tussen verschillende portefeuilles worden risicoprofielen gebruikt. In onderstaande tabel zie je een aantal veel gebruikte risicoprofielen. De verdeling over aandelen en obligaties is aangegeven en het verwachte rendement voor kosten.

 

  Defensief Neutraal Offensief Zeer Offensief
Obligaties 70% 50% 30% 10%
Aandelen 30% 50% 70% 90%
Verwacht brutorendement 4% 5% 6% 7%
Bandbreedte rendement -8% tot +14% -13% tot +21% -18% tot +28% -24% tot +36%

Let op, de waarde van uw belegging kan fluctueren. Rendementen uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.

 

De tabel geeft weer dat de hoogte van het verwachte rendement hoger is naarmate meer aandelen en minder obligaties in de portefeuille zitten. ‘Bandbreedte rendement’ laat zien dat ook de variatie in het rendement toeneemt bij een hoger risicoprofiel. Als je gemiddeld een brutorendement wilt halen van 5%, dan moet je accepteren dat het vermogen in een slecht jaar 13% minder waard kan worden. 

Welk risico kan ik lopen?

Het bepalen van het risicoprofiel begint met de vraag welk risico je kunt veroorloven. Als je het vermogen gedurende lange tijd niet nodig hebt, kun je beleggen met een offensiever risicoprofiel. Het vermogen heeft dan namelijk de tijd om te herstellen van een flinke koersdaling, mocht dat het geval zijn.

 

Als je eenmaal bent gestopt met werken en leeft van je geld, dan mag het niet meer sterk dalen. Een grote koersdaling in combinatie met een jaarlijkse onttrekking om van te leven leidt tot een sterke daling van het vermogen. Daardoor kan het onmogelijk worden om de jaarlijkse uitgaven op lange termijn te blijven onttrekken. Dat wil je koste wat het kost voorkomen.


Een lange looptijd van de beleggingen helpt op meerdere manieren voor vermogensgroei. Ten eerste kun je meer risico lopen waardoor het verwachte rendement stijgt. Daarnaast kan het vermogen gedurende meerdere jaren groeien. Daarbij speelt het zogenaamde rente-op-rente effect.


Tip: Een lange beleggingshorizon is het belangrijkste voor de groei van je vermogen.

Welk risico wil ik lopen?

Vervolgens moet je de vraag beantwoorden hoeveel risico je wilt lopen. Het kan zijn dat je een lange beleggingshorizon hebt en dus veel risico kunt lopen, maar dat helemaal niet wil.

 

Lig je ‘s nachts wakker van grote koersschommelingen? Dan is de kans groot dat je bij een grote daling stopt met de beleggingen en met verlies verkoopt. Je kunt dan beter met minder risico beleggen en accepteren dat het iets langer duurt om het benodigde bedrag op te bouwen.

 

De mentale risicohouding is per persoon verschillend. Je moet die ervaren of vaststellen in overleg met een adviseur.

Stap 4: Combineer doelvermogen, inleg en risicoprofiel tot een realistisch beleggingsplan

Nu is het tijd om de onderdelen samen te voegen tot een beleggingsplan. In stap 1 heb je bepaald hoeveel geld je nodig hebt, uit stap 2 weet je hoeveel geld je kunt beleggen en bij stap 3 heb je het risicoprofiel met het verwachte rendement vastgesteld. Met deze drie componenten kun je eenvoudig berekenen op welke leeftijd jij financieel onafhankelijk bent. 

Is het beleggingsplan realistisch?

Het opstellen van een beleggingsplan is één ding. Het succes hangt af van de uitvoering in de praktijk. Daarom moet je een realistisch plan opstellen.

 

Kies voor een realistisch rendement en houd een periodieke storting aan waarbij je nog voldoende overhoudt om leuk te leven. Het heeft geen nut om de lat te hoog te leggen. Zoals eerder gezegd is het vooral belangrijk om het vol te houden. Stel daarom het plan bij tot jij je er goed bij voelt. 


Tip: Streef naar een realistisch plan, mensen die het onderste uit de kan willen…

Leeftijd financieel onafhankelijk

Misschien vind je de leeftijd waarop je niet meer afhankelijk bent te hoog. De meesten zullen streven naar een jaar of 60; ze vinden het te laat als ze pas na hun 70ste kunnen stoppen met werken. Je kunt jouw pad versnellen door een lagere uitgavenpatroon na te streven, meer te storten of meer risico te nemen in de beleggingen (binnen bandbreedte natuurlijk). 

Vervolgstappen

Met een duidelijk plan ben je klaar om te gaan beleggen. Daarbij heb je verschillende mogelijkheden: ga je zelf beleggen, of maak je het jezelf gemakkelijk en kies je voor uitbesteden aan een vermogensbeheerder. Wij zijn je natuurlijk graag van dienst! Ben je benieuwd wat wij voor je kunnen betekenen? Vraag dan hier vrijblijvend en kosteloos onze informatiebrochure aan.

Beleggingsplan periodiek bijstellen

Het beleggingsplan biedt een goede basis om te starten met beleggen. We weten echter nu al dat de praktijk gaat afwijken van het plan. Het rendement kan beter of minder goed zijn dan verwacht, misschien kun je meer sparen of heb je toch hogere uitgaven.

 

Kies periodiek een moment waarop je kijkt of de uitgangspunten nog kloppen en pas het aan indien nodig. Het risicoprofiel verdient daarbij speciale aandacht. Naarmate de tijd verstrijkt wordt de beleggingshorizon korter en is het verstandig het risicoprofiel te verlagen. 

Voorbeeld beleggingsplan

Om je op gang te helpen vind je hieronder een voorbeeld beleggingsplan. Wellicht geeft het je inspiratie om meteen aan de slag te gaan.

Benodigd vermogen

Klaas is 42 jaar oud en heeft jaarlijks een inkomen van €46.000. Hij woont samen met Anna die €18.000 verdient. Ze kunnen maandelijks € 1.250 sparen en geven dus ongeveer €49.000 per jaar uit.

 

Ze hebben nu nog kinderen thuis wonen en zijn maandelijks geld kwijt aan de hypotheek. Als de kinderen de deur uit zijn en de hypotheek is afgelost, kunnen de uitgaven dalen naar € 40.000.

 

Klaas is al jaren ondernemer en heeft geen noemenswaardig pensioen opgebouwd. Het vermogen moet later zorgen voor het inkomen. Volgens de stelregel van 25 keer de uitgaven, moeten Klaas en Anna dus een bedrag van €1.000.000 opbouwen.

Stortingen

Klaas en Anna beleggen al een paar jaar en hebben een beleggingsportefeuille van €135.000 opgebouwd. De aankomende jaren kunnen zij €15.000 per jaar extra beleggen. Als Klaas 50 jaar wordt, verwachten ze dat het spaaroverschot stijgt naar €24.000 per jaar, oftewel €2.000 per maand. 

Risicoprofiel

Omdat Klaas en Anna het geld in de beleggingen niet nodig hebben, kunnen ze beleggen met een zeer offensief profiel. Ze accepteren de grote koersschommelingen, omdat ze erop vertrouwen dat de koersen altijd weer herstellen en op lange termijn groeien. Ze gaan uit van een verwacht rendement na kosten van 6%. 

Conclusie

Op basis van bovenstaande uitgangspunten hebben Klaas en Anna over 17 jaar hun doel bereikt. Dan is Klaas 59 jaar. 


In het stuk hebben we geschreven over de invloed van inflatie. De uitgaven stijgen ongeveer 40% in de aankomende 20 jaar. Als de uitgaven daarop worden aangepast duurt het 4 jaar langer; dus tot 63 jaar. Klaas en Anna vinden dit een prima plan!

Tips om financieel onafhankelijk te worden

 

1. Maak een overzicht van al je uitgaven. 
2. Als je stopt met werken zijn de kosten waarschijnlijk lager dan vandaag. 

3. Zoek bij een ingewikkelde situatie hulp bij een financieel specialist.
4. Begin zo snel mogelijk met beleggen voor later.
5. Stort periodiek geld bij op de beleggingsrekening.
6. Wees bereid om risico te nemen.
7. Zorg voor een goede spreiding van de beleggingsportefeuille.
8. Een lange beleggingshorizon is het belangrijkste voor de groei van je vermogen.
9. Streef naar een realistisch plan, mensen die het onderste uit de kan willen…


Deel via social media: